5. Barok (1600-1700)

05-barok

In het Duits: das Barock

Historische achtergrond

De inname van Magdeburg door de keizerlijke troepen in 1631 werd een belangrijk symbool voor de verschrikkingen van de oorlog. De stad werd in brand gestoken en de bevolking grotendeels uitgemoord. Gravure van Johann Philipp Abelin, uit 1659.
De inname van Magdeburg door de keizerlijke troepen in 1631 werd een belangrijk symbool voor de verschrikkingen van de oorlog. De stad werd in brand gestoken en de bevolking grotendeels uitgemoord. Gravure van Johann Philipp Abelin, uit 1659.

De Barok is de stroming in de kunst in de zeventiende eeuw, die in hoge mate beïnvloed is door de nasleep van en de reactie op de reformatie, door de strijd tussen katholieken en protestanten. De reformatie breidde zich van Noord- naar Zuid-Duitsland uit en leidde uiteindelijk tot een grote oorlog tussen het katholieke zuiden en het protestante noorden. Ook landen als Frankrijk (katholiek) en Denemarken en Zweden (protestant) mengden zich in het strijdgewoel.

Deze oorlog is de geschiedenis ingegaan als de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) en valt samen met de laatste dertig jaar van de Tachtigjarige Oorlog in Nederland (1568-1648). Deze oorlogen werden uiteindelijk beëindigd met de Vrede van Münster (in het Duits: Westfälischer Frieden) van 1648. De verschrikkingen van deze oorlog waren groot. In het gebied wat wij nu Duitsland noemen kwamen ongeveer 6 miljoen (van de 20 miljoen) bewoners door geweld en ziekte – met name grote pestepidemieën – om het leven.

Reacties op de verschrikkingen van de oorlog

Man met schedel. Schilderij van Frans Hals, geschilderd rond 1627.
Man met schedel. Schilderij van Frans Hals, geschilderd rond 1627.

Als reactie op de afschuwelijke gebeurtenissen treft men aan de ene kant een uiterst positieve houding tegenover het leven aan – morgen kan het immers voorbij zijn – uitgedrukt door de spreuk carpe diem, pluk de dag.

Aan de andere kant is er sprake van een intense religiositeit omdat men zich bewust is van de vergankelijkheid van het aardse en zich van het wereldse afkeert. Dit wordt uitgedrukt door de spreuk memento mori, gedenk te sterven.

Een wijdverbreid motief in de literatuur en de schilderkunst van de Barok is de zogenaamde vanitas waarmee uitgedrukt wordt dat het leven op aarde zonder waarde en vergankelijk is. Dit werd veelal uitgedrukt door bijvoorbeeld een zandloper of een doodshoofd. Voor uitleg over de vanitas-symboliek in de schilderkunst naar het voorbeeld van Frans Hals, bekijk dit filmpje. Een voorbeeld van vanitas in de literatuur vind je bij Andreas Gryphius, verderop op deze pagina.

Maar de positieve houding ten opzichte van de wereld en de religieuze emotionaliteit worden tot uitdrukking gebracht in de schilderkunst (bijvoorbeeld bij Rubens), de muziek (bijvoorbeeld bij Bach) en in de architectuur.

Deze architectuurstijl kenmerkt zich door overladenheid en bombast. De naam Barok stamt uit de architectuur en is afgeleid van het Spaans-Portugese woord barocco dat ‘onregelmatig gevormde parel’ betekent. Opgemerkt dient te worden dat men deze wereldvreugde en wereldvlucht in de kunst hoofdzakelijk in vorstenhuizen aantreft. De andere standen hadden vooral te lijden onder oorlog en zijn verschrikkingen. De Barok is daarom vooral een aristocratische cultuur.

Voorbeelden van die architectuur zijn de Frauenkirche in Dresden, het Benedictijnerklooster Melk in Oostenrijk en de vele barokpaleizen naar het voorbeeld van Versailles bij Parijs, zoals Schönbrunn in Wenen en Nymphenburg in München.

 

Abdij van Melk (Duits: Stift Melk) is een benedictijnenabdij in Neder-Oostenrijk bij de stad Melk aan de Donau.  © Foto: Matthias Kabel
Abdij van Melk (Duits: Stift Melk) is een benedictijnenabdij in Neder-Oostenrijk bij de stad Melk aan de Donau. © Foto: Matthias Kabel

Interieur van de abdijkerk van Melk © Foto Effi Schweitzer
Interieur van de abdijkerk van Melk © Foto Effi Schweitzer

 

Literatuur wordt Duitstalig

Martin Opitz
Martin Opitz

Bijzonder aan de periode van de Barok is dat het Duits voor het eerst als geschikte taal voor de literatuur gezien werd. Voordien werd veelal niet in de volkstaal maar in het Latijn gedicht. Belangrijk in dat verband is het werk Buch von der deutschen Poeterey van Martin Opitz uit 1624. Hierin beschrijft Opitz (1597-1639) de regels voor alle genres voor waaraan literatuur volgens zijn opvatting zou moeten voldoen.

Dat heeft wel tot gevolg gehad dat de literatuur uit de Barok een nogal starre en vooral gekunstelde indruk op ons maakt. In de Barokliteratuur ging het (nog) niet om het uitdrukken van originele of persoonlijke gedachten of gevoelens. Het ging om het ambachtelijk imiteren van beroemde voorbeelden en hierop te variëren volgens vaste afspraken. De teksten zaten vol verwijzingen naar beroemde voorbeelden en hadden in veel gevallen een beschrijvende, leerzame strekking. De barokschrijver was dan ook bijna altijd een geleerde.

Stijlelementen speelden hierin een belangrijke rol. Vanwege de vele buitenlandse huursoldaten was er een sterke invloed van andere talen op het Duits, wat er toe leidde dat er veel gebruik gemaakt werd van Franse en Italiaanse (leen)woorden. Ook tref je veel overdreven beeldspraak en dramatische uitdrukkingen aan.  Voor verwijzingen maakte men graag gebruik van allegorieën.

Belangrijke Duitse schrijvers uit de tijd van de Barok zijn Andreas Gryphius, Hans Jacob Christoph von Grimmelshausen, Paul Gerhardt en Angelus Silesius. 

Andreas Gryphius

Theater in slot Friedenstein in Gotha
Theater in slot Friedenstein in Gotha

Aan de Duitse hoven komt het toneel tot ontwikkeling. Het eerste theater aan een hof met een eigen bühne kwam tot stand door de inspanningen van de toneelspeler Conrad Ekhof. Zijn theater in slot Friedenstein in Gotha is een prachtvoorbeeld van een baroktheater.

De belangrijkste toneelschrijver van de Barok is Andreas Gryphius (1616-1664). Men noemt hem ook wel de oprichter van het Duitse toneel. Hij heeft tragedies en een aantal komedies geschreven. Daarnaast werd hij vooral beroemd als dichter.

Zijn sonnet Es ist alles Eitel gaat over de treurige situatie op aarde en de verwoestende gevolgen van de Dertigjarige Oorlog in zijn vaderland Silezië (nu Polen). Samen met het tweede sonnet Menschliches Elende zijn dit twee typische voorbeelden van de vanitas-gedachte. Het sonnet was door zijn vorm geschikt voor de afstandelijke en beschouwende blik van de barokdichter op zijn onderwerp.

Tekstvoorbeeld: Andreas Gryphius: Es ist alles eitel

Es ist alles eitel

Du siehst, wohin du siehst nur Eitelkeit auf Erden.
Was dieser heute baut, reist jener morgen ein:
Wo itzund Städte stehn, wird eine Wiese sein
Auf der ein Schäferskind wird spielen mit den Herden:

Lees hier verder (inclusief een vertaling in modern Duits) en beluister het complete sonnet

Tektsvoorbeeld: Andreas Gryphius: Menschliches Elende

Was sind wir Menschen doch! ein Wonhauß grimmer Schmertzen?
Ein Baal des falschen Glücks / ein Irrliecht dieser Zeit /
Ein Schauplatz aller Angst / unnd Widerwertigkeit /
Ein bald verschmelzter Schnee / und abgebrante Kertzen /

Diß Leben fleucht darvon wie ein Geschwätz und Schertzen.
Die vor uns abgelegt des schwachen Leibes kleid /
Und in das Todten Buch der grossen Sterbligkeit
Längst eingeschrieben sind; find uns auß Sinn’ und Hertzen:

Gleich wie ein eitel Traum leicht auß der acht hinfält /
Und wie ein Strom verfleust / den keine Macht auffhelt;
So muß auch unser Nahm / Lob / Ehr und Ruhm verschwinden.

Was itzund Athem holt; fält unversehns dahin;
Was nach uns kompt / wird auch der Todt ins Grab hinzihn /
So werden wir verjagt gleich wie ein Rauch von Winden.

 

De schelmenroman als ontwikkelingsroman

Een zeer populair genre in deze tijd is de schelmenroman. Dit is een soort ontwikkelingsroman (Bildungsroman) waarin de lezer iemand volgt van geboorte en kindertijd tot volwassenheid. De held is daarin is soms een wees en altijd iemand die zonder de bescherming van een normale gezinssituatie opgroeit. Hij moet telkens verhuizen en komt van de ene in de andere situatie terecht waarin hij anderen vaak te slim af is, maar heeft in de kern een goed hart. Het verhaal moest de lezer een scherpere kijk bieden op het leven, de zeden en de leefgewoonten van een bepaalde tijd.

In Duitsland werd Der abenteurliche Simplicissimus van Hans Jacob Christoph von Grimmelshausen (1662-1667) de beroemdste schelmenroman. Het boek bevat veel autobiografische elementen en zet het conflict van de zeventiende eeuwse mens tussen wereldangst en levenslust uiteen. Het is een ontwikkelingsroman: de hoofdpersoon leert veel in zijn leven en in de oorlog. De roman begint met de beschrijving van de afkomst van Simplicissimus. Klik hier voor de volledige tekst van Der abenteurliche Simplicissimus. Hier vind je een samenvatting van de roman in het Nederlands. In 2009 vertaalde Reinhard Kaiser de roman naar mondern Duits. Hier lees je een recensie daarvan.

Titelpagina van de Simplicissimus
Titelpagina van de Simplicissimus. Klik hier als je benieuwd bent wat je hier nu eigenlijk ziet!

 

Tekstvoorbeeld: Hans Jacob Christoph von Grimmelshausen: Der abenteurliche Simplicissimus

Beluister het onderstaande fragment.

 

Das erste Buch – Das 1. Kapitel

Vermeldet Simplicii bäurisch Herkommen und gleichförmige Auferziehung

Es eröffnet sich zu dieser unserer Zeit (von welcher man glaubt, daß es die letzte sei) unter geringen Leuten eine Sucht, in der die Patienten, wenn sie daran krank liegen, und so viel zusammen geraspelt und erschachert haben, daß sie neben ein paar Hellern im Beutel ein närrisches Kleid auf die neue Mode mit tausenderlei seidenen Bändern antragen können, oder sonst etwa durch Glücksfall mannhaft und bekannt worden, gleich rittermäßige Herren und adelige Personen von uraltem Geschlecht sein wollen; da sich doch oft befindet, daß ihre Voreltern Taglöhner, Karchelzieher und Lastträger; ihre Vettern Eseltreiber; ihre Brüder Büttel und Schergen; ihre Schwestern Huren; ihre Mütter Kupplerinnen oder gar Hexen; und in Summa ihr ganzes Geschlecht von allen 32 Anichen her also besudelt und befleckt gewesen, als des Zuckerbastels Zunft zu Prag immer sein mögen; ja sie, diese neuen Nobilisten, sind oft selbst so schwarz, als wenn sie in Guinea geboren und erzogen wären worden.

Het kerklied: Paul Gerhardt en Johann Sebastian Bach

Paul Gerhardt
Paul Gerhardt

Met Paul Gerhardt (1607-1676) bereikt het protestantse kerklied zijn hoogtepunt. Veel van zijn gedichten werden door Johann Sebastian Bach (1685-1750) van muziek voorzien en worden ook nu nog in de protestantse kerk gezongen.

Tekstvoorbeeld: Paul Gerhardt: Die güldne Sonne

Beluister het hier:

 

BWV (= Bach Werkverzeichnis) 451, Die güldne Sonne (1666) op tekst van Paul Gerhardt. Johann Sebastian Bach: Musicalisches Gesang-Buch, Leipzig 1736, Schemelli

Die güldne Sonne
voll Freud und Wonne
bringt unsern Grenzen
mit ihrem Glänzen
ein herzerquickendes, liebliches Licht.
Mein Haupt und Glieder,
die lagen damieder;
aber nun steh ich,
bin munter und fröhlich
schaue den Himmel mit meinem Gesicht.
(…)

 

Angelus Silesius

Angelus Silesius, tekening uit 1892
Angelus Silesius, tekening uit 1892

Angelus Silesius (1624-1677) is het Latijnse pseudoniem (“bode/engel uit Silezië”) van de vrome katholiek Johannes Scheffler en, zoals zijn naam al verraadt, kwam hij net als Andreas Gryphius uit Silezië. Geboren en gestorven is hij in Breslau, het tegenwoordige Wroclaw (in Polen). Net als veel van zijn tijdgenoten studeerde hij aan vele universiteiten in Europa, onder andere in Leiden. Zijn hoofdwerk is de Geistreiche Sinn- und Schlussreime uit 1657 die hij later nog uitbreidde en in 1675 onder de titel Cherubinscher Wandersmann uitgaf.

Silesius heeft daarin allerlei geestelijke epigrammen (korte puntdichten) over geloof en leven verzameld. Net als van Paul Gerhardt worden enkele geestelijke liederen van de mysticus Silesius ook tegenwoordig nog in de kerk gezongen.

Tekstvoorbeeld: Angelus Silesius: Zufall und Wesen

Een beroemd citaat van Silesius:

Mensch, werde wesentlich; denn wann die Welt vergeht,
So fällt der Zufall weg, das Wesen, das besteht.

(Uit: Cherubischer Wandersmann)

Tekstvoorbeeld: Angelus Silesius: Jesu komm zu mir 

Beluister hier de melodie van dit kerklied:

 

muziek-jesu-komm-zu-mirJesu, Jesu, komm zu mir.
O wie sehn´ ich mich nach dir!
Meiner Seele bester Freund,
wann werde ich mit dir vereint?
O du allerhöchstes Gut!
Herr, du gibst dein Fleisch und Blut
mir zur Speise und zum Trank;
dir sei ewig Preis und Dank!